Inhoudsopgave

Waarom de EUDR opnieuw is uitgesteld

2-3 min read
Why the EUDR has been delayed again

Table of Contents

Waarom de EUDR opnieuw is uitgesteld

Een paar maanden geleden schreven we over de EU Ontbossingsverordening en de risico’s als ambitie niet wordt omgezet in praktische uitvoering. Sindsdien is de planning opnieuw verschoven.

Begin deze maand stemde het Europees Parlement voor een uitstel van de start van de EUDR met nog eens twaalf maanden. Als de laatste juridische stappen op tijd worden afgerond, moeten grote en middelgrote bedrijven nu vanaf 30 december 2026 voldoen, gevolgd door micro- en kleine ondernemingen vanaf 30 juni 2027.

Dit is de tweede keer dat de verordening wordt uitgesteld sinds de goedkeuring.

Wat het uitstel veroorzaakt

De belangrijkste reden is de gereedheid. De EUDR is afhankelijk van een centraal EU IT-systeem om due diligence-verklaringen te verwerken voor zeven grondstoffen, waaronder koffie. EU-instellingen erkennen dat het systeem en de processen eromheen nog niet in staat zijn om het volume en de complexiteit aan te kunnen.

Er is ook een bredere praktische uitdaging. De verordening is bedoeld voor zeer verschillende toeleveringsketens, van industriële landbouw tot kleinschalige systemen met gefragmenteerd grondbezit en informele handelsstructuren. Het toepassen van één nalevingsmodel op al deze ketens blijkt moeilijker dan aanvankelijk gedacht.

Wijzigingen in de werking van de verordening

Naast het uitstel werkt de EU aan vereenvoudiging van delen van de verordening.

De verantwoordelijkheid voor het indienen van due diligence-verklaringen zal waarschijnlijk vooral liggen bij de eerste operator die goederen op de EU-markt brengt, in plaats van bij elke schakel in de keten.
 De administratieve eisen voor micro- en kleine bedrijven worden ook verminderd, met een verdere evaluatie van vereenvoudigingsmaatregelen gepland voor april 2026.

Het doel is om naleving haalbaarder te maken zonder de kern van de verordening te veranderen.

Wat dit betekent voor koffie

Voor de koffiesector biedt het extra jaar zowel kansen als risico’s.

Meer tijd geeft producerende landen, exporteurs en branders de mogelijkheid om traceerbaarheidssystemen zorgvuldiger op te bouwen. Kaartlegging van boerderijen, datastandaarden en nalevingsroutes kosten tijd om te ontwikkelen, vooral in gebieden waar kleinschalige productie domineert. Overhaaste systemen lopen het risico duur, exclusief of gecontroleerd door een kleine groep actoren te zijn.

Tegelijk zorgen herhaalde uitstelrondes voor onzekerheid. Sommige bedrijven stellen investeringen uit of wachten op verdere wijzigingen, terwijl boeren en exporteurs zich blijven voorbereiden op eisen die steeds veranderen, vaak zonder duidelijkheid over wie de kosten draagt.

Wat niet is veranderd

De kernvereiste van de EUDR blijft hetzelfde. Koffie die op de EU-markt wordt gebracht, moet gekoppeld zijn aan land dat na 31 december 2020 niet ontbost is en moet voldoen aan de relevante wetgeving in het producerende land.

Waar we op zullen letten

De belangrijkste vraag het komende jaar is hoe deze extra tijd wordt benut.

Als het uitstel helpt om traceerbaarheidssystemen te bouwen die toegankelijk, overdraagbaar en ondersteund zijn met echte hulp voor kleinschalige producenten, kan het de verordening versterken. Als het alleen moeilijke beslissingen uitstelt of de druk verder naar voren in de keten verplaatst, blijven dezelfde structurele risico’s bestaan.

We blijven volgen hoe dit zich ontwikkelt en welke praktische ondersteuning producerende landen bereikt.